Oog voor elkaar

Er kan steeds meer, maar waar blijven de vrijwilligers?

Oliebollen bakken in de Horizon en op de Klaasmarkt.

Er komen betere tijden aan. Na maanden lockdown, zonder activiteiten, kunnen we er weer op uit. En daardoor gemakkelijker voor elkaar iets betekenen. Oog voor elkaar hebben is ‘live’ zoveel plezieriger dan online, hoor je vaak. De redactie maakt een rondgang door Dukenburg om te zien of ontmoetingsactiviteiten inderdaad weer op gang aan het komen zijn. In dit artikel een kort overzicht van de stand van zaken. Het beeld is divers. De herstart van vroegere activiteiten blijkt langzamer te gaan dan eerst gedacht. Maar er zijn wel nieuwe initiatieven. Een overzicht.

Opbouwwerker Pieter Pelser maakt zich zorgen of vrijwilligers hun werk van vóór de coronacrisis weer kunnen of willen hervatten.

Mariël Scholtens en Pim de Ruijter

Het voorjaar lokt. Stip Nijmegen-Dukenburg stelt onder andere via sociale media de vraag of je zin hebt om te gaan wandelen, om onderweg een praatje te maken of tegelijk een vraag te stellen? De maatjes om mee te gaan wandelen zijn Pim, Pieter, Germa en anderen.

Carolien Scholten en Germa Bongers van Stip Dukenburg: “We zijn al met een aantal bewoners gaan wandelen. Als je wandelt kom je vaak gemakkelijk in gesprek. Naast gezellig kletsen over van alles en nog wat hebben we ook wat vragen kunnen beantwoorden.” Zo kunnen het gesprekken zijn over activiteiten in de wijk, vrijwilligerswerk maar ook opvoedingsvragen. Maar je hoeft geen vragen te hebben voor een wandelpraatje. Ook als het je gewoon leuk lijkt om een stukje met ons te wandelen spreken we graag met je af. “Het gaat vaak over wat allemaal niet kan in deze coronatijd, maar gelukkig kunnen we wel met elkaar wandelen”, vertelt Germa.

Opbouwwerker Pieter Pelser

Pieter vertelt dat een wandelpraatje met een van de werkers in Dukenburg over van alles kan gaan.

In een serie besteedt De Dukenburger aandacht aan activiteiten die bewoners met elkaar verbinden. Bij het vieren van ‘50 jaar Dukenburg’ is ‘Oog voor elkaar’ ontstaan. Dat netwerk brengt door middel van concrete activiteiten bewoners bij elkaar en verbindt hen met allerlei initiatieven en instanties in Dukenburg. Een belangrijke schakel in al die verbindingen zijn de ‘sociaal’ wijkbeheerders van de woningcorporaties. We willen hier drie sociaal wijkbeheerders voorstellen die in Dukenburg, naast hun basistaken, bewoners helpen met dit verbinden. We spreken met Sam Bogers van Talis, Lana Navest van Woonwaarts en Niels Otten van WoonGenoot.

Talis

Met een kop thee en aan de andere kant van de grote tafel Talis-wijkbeheerder Sam, had de redacteur het eerste gesprek. Hij was de enige bezoeker in het buurtkantoortje in Meijhorst, de coronaregels zijn immers streng. Sam Bogers is sinds oktober 2020 ‘sociaal’ wijkbeheerder van de woningcorporatie Talis in de wijken Meijhorst en Tolhuis. Opgegroeid en naar school gegaan in Nijmegen is de achtentwintigjarige Sam een echte Nijmegenaar. Sam werkte al anderhalf jaar bij de klantenservice, ‘afdeling welkom’ van de woningcorporatie. Hij is dus al goed bekend met veel wat er speelt. Toch zag hij in een baan de hele dag achter een beeldscherm geen toekomst. Maar de gedachte te gaan solliciteren bij de politie werd snel omgezet toen er intern bij Talis een vacature voor wijkbeheerder vrijkwam.

De contacten met bewoners, met mensen is wat hem het beste ligt. Geen vergelijk met het werken vanachter een beeldscherm. Het onbevooroordeeld met iedereen in gesprek gaan levert het meeste op, geeft hij aan. Mensen voelen snel dat ze gelijkwaardig behandeld worden en dat krijg je terug. “Ik ben van maandag tot en met donderdag in de wijk. Wanneer ze zien dat ik in het kantoor ben mogen ze aankloppen”, vertelt Sam. “Voor de rest kunnen ze een mailtje sturen of inspreken mocht ik niet kunnen opnemen. En dan maken we zo nodig een afspraak.”

In een serie besteedt de Dukenburger aandacht aan activiteiten die bewoners met elkaar verbinden. Bij het vieren van 50 jaar Dukenburg is Oog voor elkaar ontstaan. Dat netwerk brengt door middel van concrete activiteiten bewoners bij elkaar en verbindt hen met allerlei initiatieven en instanties in Dukenburg. Op zondag 27 december verzorgde de projectgroep ‘Elkaar ontmoeten’ van de Stichting Hart voor Dukenburgers een kerstlunch. Door corona thuisbezorgd op veertig adressen in Dukenburg door zes teams. ‘Voor hen die dat goed kunnen gebruiken’.

 De dagen voor kerst werden door de vrijwilligers van de projectgroep gebruikt om de lunchpakketten te vullen die, 27 december op veertig adressen bezorgd gingen worden in Dukenburg. Een Kerstlunch tot stand gekomen in samenwerking met de Vincentiusvereniging en Hart voor Dukenburgers. Vlak voordat men zondag op pad ging kwamen de versproducten er nog bij.

Oog voor elkaar

In een serie besteedt De Dukenburger aandacht aan activiteiten die bewoners met elkaar verbinden. Bij het vieren van 50 jaar Dukenburg is Oog voor elkaar ontstaan. Dat netwerk brengt door middel van concrete activiteiten bewoners bij elkaar en verbindt hen met allerlei initiatieven en instanties in Dukenburg.

Buurtbingo in Zwanenveld april 2020

Tijdens de eerste coronagolf in het voorjaar kwamen veel Dukenburgse bewoners en instanties in actie. “Activiteiten op een manier waaraan we een paar maanden daarvoor nooit gedacht zouden hebben”, schreven wij. De zomer kwam en hielp met contacten in de voortuin, aan de voordeur en zomaar ‘op straat’. Is diezelfde daadkracht en originaliteit tijdens de huidige tweede coronagolf nu ook weer te zien?

Het was een heel gepuzzel voor vrijwilligers en professionals om voor de komende maanden en bijbehorende feestdagen activiteiten te organiseren. In dit geval activiteiten, die Dukenburgers met elkaar verbinden én voldoen aan coronaregels. Burgemeester Bruls gaf medio november voor jongeren al aan: “Organiseer met oud en nieuw jongerenbijeenkomsten om stoom af te blazen. Maar dan moet vanuit de regering wel uitsluitsel komen of het mogelijk is. Dan kan op een goed begeleide manier ruimte gegeven worden voor dit soort bijeenkomsten.” Inmiddels is duidelijk geworden dat welzijnswerkers een ontheffing krijgen om met méér mensen bij elkaar te zijn.