Janwillem Koten

‘Buurtaandacht…Nog belangrijker nu de Lock Down zo lang duurt’

Vorig jaar rond deze tijd was het eerste corona geval. Sinds die gebeurtenis hebben we heel wat meegemaakt. Met de komst van het Engelse virus zijn de laatste tijd de beleidsmaatregelen, die door de bevolking-breed goed worden ondersteund. Het is duidelijk dat deze maatregelen bijten. Het betreft vooral de jongeren, die nu op zoek zijn naar een levenspartner en dus aangewezen zijn op informele ontmoetingen in een ontspannen sfeer in een van de vele uitgaansgelegenheden die Nijmegen vroeger bood. Het is ook duidelijk dat deze jongeren door deze corona-maatregelen als de avondklok depressief en zeer gefrustreerd raken en dat er bovendien zeer veel verzet komt De schaatsdagen door de koude en de ontmoetingen op het ijs, hebben wellicht enigermate de pijn wat verzacht. Maar nu met examens voor de boeg wordt het extra zwaar, omdat voor begripsvorming over de stof, onderlinge discussie wezenlijk is. Een beter pil de laatste tijd is dat steeds meer jongeren ook door de Engelsen variant extra worden getroffen en dat bij 10% van hen een chronische vorm van de ziekte optreedt die maanden zelfs jaren kan voortduren en een streep kan zetten door een carrière.

Maar ook voor de senioren, zekers als het alleenstaanden betreft, zoals de vele weduwen in onze wijk, worden door de huidige belemmerende maatregelen getroffen. Veel bijna ondraaglijke eenzaamheid. Vaak zijn de buurtzorg de enige die ze op een dag in levenden lijve spreken. Ik sprak gisteren met een oude dame die al dagen haar eigen stem niet had gehoord. De gang naar Wijkcentrum, de bibliotheek, het bridgeclubje, de klaverjasavond, kunnen allemaal niet doorgaan. Het wijkcentrum zit dicht. Je ziet dan maar weer eens hoe belangrijk deze voorziening voor de leefbaarheid van onze wijk is. De ernstige koude dagen, die de zwakte van onze samenleving blootlegden, hebben deze eenzaamheid alleen maar verergerd omdat men de gladheid en het optreden van beenfracturen vreest in een tijd dat in ieder geval gebrek is aan medische zorg en bij heupfracturen de heupprothese schaars zijn. Het is zelf maar de vraag of je goed geholpen kunt worden. Bij fracturen aan de armen kan de zelfzorg belemmert zijn en is men gedwongen een beroep op derden te doen.

Maar er zijn ook lichtpuntjes, Rond 1 maart zijn de meest kwetsbaren gevaccineerd en kunnen de senioren zich wat vrijer gaan bewegen, zonder de angst op besmetting en het optreden van een dodelijke ziekte. Het is voor senioren dus nog even vol te houden.

Een tweede lichtpuntje is de bereidwilligheid van veel mensen om in noodgevallen bij te springen. Ik weet dat er veel buurten zijn waar men onderling op elkaar let en waar een klein praatje aan de deur al wonderen doet. Vooral eenzamer ouderen beginnen de moed te verliezen en. In een dergelijk geval kan een dergelijk praatje bijna levens redden zijn. Ook bij sommige buurtmedia zoals Nextdoor worden regelmatig hulp aangeboden. Het buurtcontact is essentieel voor de leefbaarheid. Helaas zij n er ook in Dukenburg kille buurten. Dat kan soms voor kwetsbaren een ramp zijn.

De les die ik hier trekken is dat vooral nu de Lock-Down lang duurt buurtaandacht en een oplettend oogje op elkaar heel belangrijk zijn. Bedenk dat ook in deze tijd wel elkaars broeder hoeder moeten zijn. Nog even volhouden, tot de kwetsbare zijn gevaccineerd, dat duurt nog 2 maanden. Dat moet nog wel te doen zijn, al is het moeilijk voor sommigen zeer, zeer zwaar.

Janwillem Koten

‘2021, een belangrijk jaar voor Dukenburg’

Het wordt voor Dukenburg een belangrijk jaar: Meijhorst krijgt een ander winkelcentrum, er wordt volop gebouwd op de vroegere HAN-locatie, Het winkelcentrum in Zwanenveld moet op de schop, er zijn herbouwplannen voor het Winkelcentrum Weezenhof, de Skaeve Huse komen er en wat zijn de plannen voor de torenhoge windmolens langs de A73? Tenslotte zijn er nog de vergaande plannen rond de bebouwing van de Maas-Waalkanaaloever. Voor het kalm realiseren van deze projecten heb je veel gemeenschapszin nodig. Dat was ver te zoeken tijdens de oud-nieuwnacht. Er werd lustig geknald of er geen vuurwerkverbod bestond. Is het een wonder dat Nijmegen zoveel coronapatiënten heeft? Mensen verliezen hun discipline. Dat is begrijpelijk omdat ze zwaar gefrustreerd zijn geraakt. Dat neemt niet weg dat een gedisciplineerd gedrag veel invloed heeft op de bestrijding van de verspreiding van het coronavirus. Die slapte kost levens, operaties gaan niet door en de verpleegkundigen raken overbelast. En wat te denken van het risico dat onze zorgverleners lopen tijdens de verpleging van zo veel corona-patiënten.

Ik zie de corona-epidemie als een frontgevecht waar aan de ene kant het zeer gevaarlijke virus de bevolking aanvalt die wordt verdedigd door het zorgleger, onze helden die zorgen dat de virusbesmetting en vooral de gevolgen ons zo weinig mogelijk raken. Net zoals in de oorlog de rode-kruis-soldaten de gewonden uit de loopgraven haalden; zo gaat nu ons ambulancepersoneel de viruslijders in besmette huizen ophalen. Dit met risico voor eigen gezondheid. Incidenteel vallen er dodelijke slachtoffers bij onze helden in de strijd tegen het virus. Dit brengt mij op de gedachte dat wanneer de pandemie in kalmer vaarwater is gekomen, we voor onze helden een standbeeld moet oprichten, met de namen van de gesneuvelde zorgslachtoffers in hun anti-virusstrijd. Jaarlijks zouden we de slachtoffers van de viruspandemie kunnen gedenken; jaarlijks, net zoals we nu de gevallen veteranen jaarlijks herdenken. Dat zal niet alleen de slachtoffers in herinnering roepen maar ook een waarschuwingsteken zijn dat we onze zorg goed op peil moeten houden.

Janwillem Koten

‘Geen vrolijk jaar 2020’

Dit mijn laatste kolom van het jaar, een lamlendig jaar en je wenste dat je in je geheugen het jaar 2020 wegens de virusbesmetting maar kon deleten. Wat we niet hoopten, maar ook het jaareinde zal somber zijn, vuurwerk en veel gezelligheid thuis of op straat kunnen we vermoedelijk wel vergeten.

Nijmegen is na de vakantie flink getroffen door veel besmettingen. Je hoeft maar in de Gelderlander naar de vele overlijdensadvertenties te kijken. We zijn een gemeente die verhoogd waakzaam moet zijn en waarbij onze besmettingscijfers nog steeds boven het landelijke gemiddelde liggen. Geen wonder dat er strenge maatregelen nodig zijn. Zeer onprettig. Voor studenten is het een ellendig begin van de studie, veel vrolijkheid is er officieel niet.

Maar ook in Dukenburg valt het leven van de gewone burger niet mee. Vrijwel alles is dicht en de onderlinge contacten tussen de burgers zijn verschraald. Gelukkig dat sport en biebbezoek weer mogelijk wordt Zelfs de kerkgang is belemmerd. Gelukkig dat de supers de vroegere discipline hebben hervonden. Met dat alles hebben veel oude mensen het extra moeilijk en de vereenzaming is groot en bijna tastbaar. Veel mensen zijn ook door de dreigende armoede in de financiële zorgen en vaak de wanhoop nabij. Waar moet men troost vinden. Je vraagt je verder af in hoeverre de langdurige belemmerde socialisatie effect heeft over de toekomstige samenleving. Het is wel zeker dat de corona langdurige negatieve gevolgen heeft voor onze samenleving en dat we economisch enkele stappen terug moeten zetten. Dat leert de studie van vroegere grote epidemieën.

Toch mag dat ons niet ontmoedigt maken want dan raken we verder van huis. Er is van de vroegere epidemieën bekend dat voorzichtigheid, discipline en moed het beste recept is om de kwade tijd sneller door te komen.

Deze kwade dagen doen mij aan de oorlog en bezetting denken, toe we veel onzekerheid en verdriet en een avondklok vanaf zonsondergang hadden. Ik herinner me mijn ouders (beide ondergedoken) die ondank alles er de moed erin hielden en zeiden: “Het kan alleen maar beter worden.”

Met vaccins binnenkort beschikbaar hopen we dat maar. Dus maar uitkijken naar een hoopvol 2021.

Janwillem Koten

‘Netheid en discipline als remedie tegen COVID-19’

Mijn vorige kolom was bijna voorspellend. De vrees dat na de komst van de eerstejaarsstudenten een massieve coronabesmetting zou komen is bewaarheid. Dat geldt niet uitsluitend voor Nijmegen maar ook voor alle universiteitssteden. Na de komst van de nieuwe studenten verspreidde de infectie zich als een bliksemschicht door de academische gemeenschap. Je vraagt je af of dat zo had gemoeten en of men niet met verstandige preventieve maatregelen veel misère had kunnen voorkomen.

Ook de terugkerend vakantiegangers brachten heel wat besmettingen mee, vooral vanuit de landen waar corona veel voorkwam, zoals Spanje, Marokko, Frankrijk Turkije, Pakistan en Libanon. Kennelijk had men van de vorige uitbraak weinig geleerd, toen terugkerende wintersporters het virus in Nederland verspreidden. Eigenlijk had men al deze terugkeerders moeten testen. Nu overspoelen zij onze ziekenhuisbedden. Gaven de mensen van de regering hier wel het goede voorbeeld? Ook zij gingen naar het buitenland op vakantie, hetgeen af te raden was.

Ook wij Nederlanders in ons eigen land gedroegen ons soms of COVID-19 niet bestond. De discipline bij het betreden van een supermarkt was spoedig vergeten. Nu is deze na schade en schande weer ingevoerd. Hoe komt dat? Duidelijk is dat men na de oorlog door het mondig worden van de bevolking zich in principe verzet tegen maatregelen van de overheid. Hoelang duurt het niet alvorens een eenvoudige maatregel kansen krijgt? Iedereen wil zijn eigen gelijk hebben. Om de nare gevolgen van een dergelijke houding in te zien, hoeft men maar Nederland met Duitsland te vergelijken

Mijn gedachten gaan bij infectieziekten uit naar mijn jeugd. Heel veel kinderen kregen voor ze twaalf jaar waren kinkhoest, roodvonk, difterie, mazelen, kroep, longontsteking en nog vele andere kinderziekten. Elk jaar brachten we enkele medescholieren naar het graf. Aan de meeste infectieziekten kon men niet veel meer doen dan de bezwaren en het lijden wat verminderen. Als kinderen kregen we bij de opvoeding ingeprent netjes te zijn en ons gedisciplineerd te gedragen om ziekten te voorkomen. Iets wat de laatste jaren minder nodig scheen. Als ik aan mijn moeder denk zie ik haar vele uren met een poetsdoek druk bezig de boel schoon te houden. Ook volgde men de instructies die van boven kwamen met minder gemor op. De bevolking was volgzamer.

Zou het niet de moeite waard zijn deze lessen van vroeger weer eens op te pakken? Die bleken vaak effectief. Iets wat we vergeten schijnen te zijn door onze nonchalance en vooral door ons weinig sociale gedrag.

Janwillem Koten

‘Klein is fijn’

Recent bezocht ik Wijkcentrum Dukenburg in Meijhorst. Waar het eerder druk en gezellig was, heerste nu rust en leegte. Slechts medewerkers aan de bar/balie en van Stip waren aanwezig. We beleven een ellendige tijd, jong en oud. In bejaardencentra stierven meer senioren door verdriet en eenzaamheid dan aan COVID-19. De isolatiekuur was soms erger dan de kwaal. Aanvankelijk waren zwembad en Ontmoetingskerk gesloten. Het zwembad draait weer, met beperkingen. De kerk bezoeken kan, mits je reserveert; de Ontmoetingstuin is altijd open voor iedereen.

Ook al volgen Dukenburgers de richtlijnen, hier en daar is verslapping merkbaar. Sommigen hebben moeite met de regels of zijn vergeetachtig. Gaandeweg wordt men korzelig en slordig; ik merk het aan mijzelf. Bij de ingang van supermarkten zijn extra maatregelen verwaterd, de speciale openingstijd voor ouderen is afgeschaft. Verzet tegen de RIVM-richtlijnen zie je hier gelukkig nog niet. Het aantal besmettingen in Dukenburg is meegevallen volgens de buurtzorg. Maar met de (terug-)komst van veel studenten kan dit veranderen. Dat jongeren steigeren is begrijpelijk: de mogelijkheid van ontmoetingen is in deze tijd van sociale opsluiting een groot gemis, evenals horecabezoek en (muziek-)festivals. Bedrijven waar het water aan de lippen staat protesteren. Toch moeten we met zijn allen moed houden. Zeker als binnen afzienbare tijd een vaccin beschikbaar komt. Het is geen garantie dat we daarna onze oude levensstijl kunnen herpakken.

Zonder grote evenementen zijn buurtactiviteiten en een gesprekje buitenshuis belangrijk geworden. In Weezenhof is ‘het huis’ bescheiden toegankelijk. Er zijn ook buurtontmoetingen in gezellige kring mogelijk, zoals een muziekhulde op een grasveld! Hopelijk kennen andere wijken ook burenactiviteiten, want voorlopig moet men het hebben van kleine, fijne bijeenkomsten. Vergeet niet dat de eerste Nederlandse coronabesmettingen plaatsvonden tijdens carnaval.

Janwillem Koten