Vroeger woonde er in Nijmegen Zuid, op de Jacobslaan 536, een beeldhouwer uit een wereldberoemde kunstenaarsfamilie. Dat was Jac Maris (1900- 1996). Hij was de kleinzoon van Jacob Maris, een van de kopstukken van de Haagse School, voor wie in de residentiestad zelfs een monument is opgericht.

Jac Maris was 17 jaar oud toen hij met zijn ouders in Nijmegen kwam wonen. Na korte tijd ging hij zwerven, trok door Duitsland, België, Engeland en Frankrijk, kwam hij weer thuis, trouwde in 1923 met een Nijmeegs meisje en betrok een huisje in de Jacobslaan. Lang heeft hij daar echter niet gewoond. Het bedrijfje dat hij had opgericht ging in 1924 al failliet, hij kon de huur niet meer betalen en was er gelukkig mee dat hij in Heumen een houten gebouwtje vond, dat hij voor een betaalbaar bedrag kon huren. Maris zou in Heumen blijven wonen van 1926 tot zijn dood in 1996. Hij was een keiharde werker en het atelier vulde zich dan ook weldra met talloze beelden, tekeningen en schilderijen.

 

De jaren tussen de twee wereldoorlogen waren voor bijna alle kunstenaars moeilijk. Maris was geen uitzondering. Om meer te kunnen exposeren en verkopen werd hij lid van kunstenaarsverenigingen in Amsterdam, Maastricht en Nijmegen. Hij exposeerde waar mogelijk en langzaamaan begon hij meer naam te krijgen. Het was de tijd van het Rijke Roomse Leven en de katholieke kerk had voor zijn kerken en kloosters altijd wel opdrachten voor kunstenaars. Maris heeft veel werk gemaakt voor de kerk. Hij maakte beelden en altaren voor de vroegere Christus Koningkerk in de Van ‘t Santstraat, voor de O.L.Vrouw van Zevensmartenkerk in Molenhoek en voor de redemptoristen van de Nebo. Tijdens de oorlog was Maris actief in het verzet. Hij vervalste papieren en hielp onderduikers. Toen in september 1944 de 82e Airborne divisie bij Overasselt werd gedropt bracht Maris als hoofd van het regionale verzet de Amerikanen naar de sluis van Heumen, die genomen werd. Een jaar later stuurde generaal Gavin hem daarvoor een hartelijke dankbrief die nu in een verguld lijstje in het museum hangt. Na de oorlog kreeg Maris vele opdrachten voor oorlogsmonumenten. Het initiatief daarvoor kwam vaak uit kringen van het voormalige verzet en daar kende men hem. Ook de katholieke kerk wist hem weer te vinden. Maris leverde bijna alle beelden van de Dominicuskerk op het Galgenveld en ook verkocht hij madonna’s en andere heiligenbeelden voor de vestigingen van de fraters van Tilburg in Den Bosch, Eindhoven, Tilburg en Curaçao.

In Nijmegen centrum bevinden zich nog tientallen werken van Maris, vooral uit de wederopbouwtijd. Het oorlogsmonument op Plein 1944, de Jan van Hoofgedenksteen op de Waalbrug, de reliëfs in het grote winkelpand tegenover het stadhuis, op vele plaatsen vindt men het werk van de beeldhouwer terug. Het museum organiseert voor belangstellenden een speciale Maris wandeltocht in Nijmegen. Na de wederopbouwtijd brak er voor Nederland een periode van welvaart aan. Er ontstond een gunstig klimaat voor kunstenaars. Gemeente, provincie en rijk voerden alle een actief kunstbeleid, zo werd dank zij de 1% regeling bij iedere groot overheidsproject een procent van de bouwsom gereserveerd voor kunst. Maris heeft in deze tijd vele werken gemaakt voor scholen, zorginstellingen, banken en gemeentehuizen. Door de welvaart liep ook de verkoop aan particulieren goed zodat de kunstenaar de laatste jaren van zijn carrière zonder zorg heeft kunnen leven. Het resultaat van bijna een eeuw hard werken is nog steeds te zien in Heumen, in het unieke ateliermuseum en zijn boeiende beeldentuin.

Leo Ewals, conservator

Bericht juli 2020 Met dank aan wijkblad ‘De Heistal’

Voor meer informatie, klik hier

Ateliermuseum Jac Maris. Looistraat 57 6582 BB Heumen